Lente 2012
Stapelgedichten
N.a.v. het artikel over onder meer stapelgedichten in Naober (voorjaar 2012) zag ik dat een aantal van mijn boeken in de hieronder aangegeven volgorde in de kast liggen. Ik vind het een treffend voorbeeld van een stapelgedicht en dat wil ik u laten weten.
alles is verlicht
die laatste zomer
de hand van mijn moeder
de hand van de schilder
A. Dijsselhof-Bruins, Hardenberg
Vreemd spoor
Het is een raar verhaal, maar ik heb een heel vreemd spoor (dierenspoor?) in mijn tuin. Ik ben 14 dagen met vakantie geweest en toen ik weer thuis was en door mijn tuin liep, was er een heel vreemd spoor op mijn grasveld. Ook de heg was
helemaal kaal en geknakt (zie foto). Mijn hond, een Weimaraner, een jachthond dus, liep als een gek door de tuin heen te draven en te grommen, we zagen echter niets. Het is nu al een maand lang dat er vreemde dingen in mijn tuin gebeuren. Ik heb de buurman erbij gehaald en die denkt aan een wild zwijn, maar dat kan ik me haast niet voorstellen. Ik woon wel landelijk, tussen de weilanden, maar een wild zwijn, dat geloof ik eigenlijk niet. Ik loop ’s avonds op de raarste tijden met een zaklamp in de tuin, maar ik zie nooit iets. Nu is het al een paar keer voorgekomen dat mijn hond heel stil ging staan en wegliep. Alsof hij bang was. Daar ben ik wel van geschrokken, hoewel ik helemaal geen bang type ben. Dat vond ik toch wel angstig. Ik lees altijd uw blad en zo ben ik op het idee gekomen om u te schrijven. Misschien werkt er een sporenkenner aan uw blad mee, die mij zou kunnen helpen? Ik zou toch wel erg graag willen weten wat het zou kunnen zijn
Yvonne Landzaad
Naschrift redactie: Onze medewerkers beheersen meerdere disciplines, maar een sporenkenner, nee, die hebben we niet. Misschien is er een deskundige onder de Naober-lezers?
Onderzetters
Het lezen van Naober is elke keer weer genieten. Het blad inspireert tot het maken van leuke dingen. De Klevertjes bijvoorbeeld. Van de leukste uitspraken heb ik onderzetters gemaakt met een bijpassend doosje. Zo heb je altijd een onderwerp van gesprek bij de hand bij koffie, thee of borrel.
Carola Overkamp, Aalten
Nostalgische gevoelens
Vrij regelmatig krijg ik het magazine Noaber toegespeeld. Ik geniet van de verhalen, de streektaal en de foto’s van het plattelandsleven. Als ik dan de foto zie in het voorjaarsnummer, krijg ik last van nostalgische gevoelens. De ervaring dat de
boerin, in dit geval moeder Jenneke, thee of ander voedsel naar het land brengt, waar haar hardwerkende zoon even uitrust op de cultivator, brengt mij terug naar mijn eigen ervaring op dit gebied, direct na de Tweede Wereldoorlog.
Als jonge knul mocht ik op de boerderij van mijn opa, precies op de grens van Groningen en Drenthe gelegen, de maaimachine bedienen om het koren te maaien. Voor de machine stond een zwaar Belgisch paard om de maaier te trekken; tijdens het maaien van de stroken koren werden achter mij de gemaaide korenhalmen door de werkers tot schoven gebonden. Deze korenschoven werden daarna rechtop tegen elkaar gezet en vormden zodoende een soort wigwam, een korenhok. Op deze wijze kon het koren verder drogen en wachten op het moment dat de dorsmachine langs kwam om het koren te scheiden van de halm, met als overblijfsel het stro. Als we dan na enige uren hard werken moe en bezweet waren, zag ik opoe aankomen. In haar ene hand een grote mand, afgedekt met een blauwe keukendoek, en in de andere hand twee geëmailleerde blauwe kannen. We gingen dan met z’n allen met onze rug tegen de opstaande korenschoven zitten en kregen van opoe zelfgebakken brood en een grote mok koffie uit de blauwe kan.
Het brood was belegd met ham, spek of metworst. Het paard was inmiddels gedrenkt en voorzien van een haverzak om zijn hoofd en kon zo eveneens schaften.
Ik heb in mijn verdere leven heel wat restaurants bezocht, maar in mijn herinnering nooit meer zo lekker gegeten als op het boerenland met het zelfgebakken brood en de grote mok koffie.
Ik hoop nog vaak te genieten van Noaber!
Roel Ananias, Waddinxveen





